donderdag 1 september 2011

Goede buur verre vriend

De ongunstige verhalen over onze buurman spoedden zich al vooruit voordat we de man ooit gezien hadden. Bij de Gezusters Kip (2 oude vrijsters van 60) die onze andere buren zijn had hij de toegang tot drinkwater afgesneden. Hij zit aan de goede kant van de berg die water geeft. En hij zit hoger. Omdat ze hem hadden gezegd dat ze dat geen goede zaak vonden, maakte hij ze bang door midden in de nacht rond hun huis te lopen.
Onze eerst contact bestond erin dat hij joviaal vroeg of hij zijn paarden op ons terrein mocht laten grazen, toen we er nog niet woonden. Als we niet gehoord hadden wat we gehoord hadden hadden we dit best goed gevonden. Maar nu zeiden we even niet. Dat vond hij niet leuk. Zo niet leuk dat hij beledigd was. Territoriumnijd.

Na een dooiperiode, een paar jaar geleden, begon het in maart weer te vriezen. Op die dagen zijn de wegen het gladst, want de sneeuw is dan dun op een onderlaag van ijs. En het strooisel is nog niet goed vermengd met de sneeuw. Als een oude opa reed ik met mijn Landrover de berg af. In mijn spiegels zag ik plotseling de buurman bumperkleven. Op een steil bospad. Stoicijns reed ik door, 50 meter lager kon ik pas opzij om hem er langs te laten. Maar dat zag hij anders. Hij gaf gas en stuiterde met zijn Landrover door de hoge sneeuw in het bos links naast mij. Tot hij zich realiseerde dat hij zelfmoord aan het plegen was en vol op de rem ging staan. Te laat want hij ramde mijn achterkant. 50 meter lager stopte ik en hij ook. Niets van excuses, maar een grote bek was mijn deel. Ik wees op de schade en zei hoe gaan we dit oplossen. Hij luisterde nauwelijks en zei dat lossen we wel een keer op. En reed weg. Dat vond ik iets te vaag en ik belde de politie. Die kwam en gaf hem een boete en zijn verzekering moest de schade vergoeden. En van een gewone vijand had ik nu een eeuwige vijand. Niet leuk, maar wel duidelijk.

Sindsdien patrouilleert hij eens per dag met zijn terreinwagen op de weg die onze terreinen scheidt. Hij rijdt stapvoets alsof hij een nationale grens bewaakt. In een slechte bui doet hij zijn raampje open spuugt hij op de grond en mompelt verwensingen van 1 kilometer afstand in onze richting. Wij zien dat en doen er verder niks mee. Zijn leven.

Gisteren was ik hout aan het kleinmaken met de kettingzaag. Oordoppen in en geconcentreerd sloeg ik geen acht op wat er om me heen gebeurde. Maar toen ik even opkeek, zag ik dat buurman niet ver van mij op zijn terrein een berk aan het vellen was. Zijn motorzaag was een echo geworden van de mijne. Een gillende samenzang van 2 haantjes. Een oorlogssymfonie in de toonsoort testosteron.

Geef mij dan maar de Gezusters Kip.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen