dinsdag 26 juni 2012

Burgerlijkheid

Toen ik nog in een voorstad woonde in Nederland verbaasde ik me altijd over mensen die een postzegel gras maaiden. Hadden ze eindelijk de kans om de natuur welig te laten tieren, maakten ze er een modelgazon van, jammer vond ik dat.
Ik had in de Bollenstreek ook een postzegel, kocht een zakje met veldbloemenzaadjes en strooide het over de vierkante meter die van mij, lees van de bank, was. De buren, die het begrip burgerlijkheid hadden uitgevonden, waren not amused met dit stuk natuur voor hun deur.
Hier volgt mijn definitie van burgerlijkheid. Burgerlijkheid is volledig gericht zijn op wat anderen van je denken en dat maken tot leidraad van je leven. Daarom is het zaak om met de snelheid van het licht aan de weet te komen, wat de buren doen en denken. Hiervoor bouw je je raam vol met planten of sierpotten, altijd in paren, zodat je de straat onafgebroken kunt observeren. Wie komt er langs, waar gaat die naar toe, wat heeft hij bij zich, zijn er afwijkingen, hoe ziet die eruit, hoelaat enzovoorts, om zo te kunnen analyseren hoe de stand van zaken is. Kennis is macht.
Altijd als ik eraan kwam zag ik voor de ramen naast mijn huis lichamen wegschieten als vissen in een kom, of misschien heb ik me dat verbeeld.
Een ander kenmerk van burgerlijkheid is dat jij al 10 minuten eerder geobserveerd bent dan dat jij die ander gezien hebt. Blijkbaar vind ik andere dingen belangrijk, want in mijn oude buurt werd ik voortdurend aan het schrikken gemaakt. Buurman stond achter een struik: 'Goedemorgen' of geleund op een hek 'Goedemiddag' of Buurvrouw hangend uit een raam 'Dag Schatje' en elke keer schrok ik me te pletter, ik voelde me beslopen en een vette glimlach met kunsttanden was mijn deel.
Al snel voelde ik het etiket van verstrooide professor op mijn voorhoofd kleven, nee één van hen zou ik nooit worden, maar zij hadden er een leuke attractie bij. Als ik in mijn andere betegelde postzegel aan de achterkant van mijn huis mijn band plakte, en het lukte niet, dan hoorde ik in mijn nek de buurman die zei:'wil je een echte fietspomp lenen dan?'

Dus toen ik in Polen opeens geen buren meer had en geen postzegel maar 20 voetbalvelden kon ik mijn gras zo hoog laten groeien als ik wilde. Maar ik moet de oude buren nageven dat hun aversie tegen laisser-faire nu perspectief heeft gekregen. Je moet op een gegeven moment ruimte scheppen in de woekeringen rond je huis. Een paadje hiernaartoe. Een weggetje daarnaartoe. Dus kappen, snoeien en maaien moet.
Maar een modelgazon zal het nooit worden. De natuur is geen kapsalon.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen