vrijdag 1 juni 2012

Deur

In 1996 zag ik een documentaire met John Berger. John Berger is een Britse schrijver die naar de Franse Alpen emigreerde toen hij achter in de veertig was. Ik had de documentaire op video en keek er elke paar maanden naar. Ik snapte niet helemaal waar het overging, maar ik werd er blij van. In de documentaire was hij achter in de zestig.

Mijn onbestemde verlangen naar de schrijver ging zover, dat we een gîte in de buurt van zijn dorp Quincy huurden, om te zien waar hij woonde. Uiteindelijk zijn we een paar keer door het dorp van een paar huizen gereden. Bij 1 huis had ik het vermoeden dat het van hem was, maar ik durfde niemand te vragen. Ik wist bij God niet wat ik tegen hem had moeten zeggen, dus stel je voor dat hij voor mijn neus had gestaan als ik had aangebeld.

Jaren gingen voorbij en Berger verdween naar de achtergrond.
Maar de laatste tijd bleef een zin in flarden terugkomen.
Het gaat over de betekenis van betekenis van betekenis.
Ik pakte 'De vrucht van hun arbeid' erbij, zijn trilogie over het verdwijnende boerenleven en zocht in het verhaal 'De accordeonist', maar kon het niet vinden, ik las er steeds overheen. Of het was er niet. Stond het in een ander verhaal? Ik gaf het op, of ik had geen tijd, of ik was moe of alledrie.
Avonden het boek naast mijn bed gehad. Doorgenomen en nog eens doorgenomen. Ik kreeg er geen vat op. Ik kwam niet uit de impasse. Mijn verstand liet mij volkomen in de steek.
Tot vanavond. Ik kreeg het wereldidee om de documentaire terug te kijken. Die gaf een cruciale aanwijzing terug naar het boek.
Twee jaar naar gezocht, nu gevonden. Alsof er een deur open mocht.
Het gaat over Felix, die in het echt Louis heet, een boer en accordeonist, die zijn vrouw verliest en geen noot meer speelt. In het fragment heeft Felix zijn accordeon voor het eerst na jaren tevoorschijn gehaald. Hij gaat zitten in de stal met koeien op een melkkrukje.

De lucht, warm van de hitte van de dieren die de hele dag in de zon hadden gestaan, rook naar wilde knoflook want er groeit wilde knoflook in het veld bij de oude weg naar St Denis, waar ze stonden te grazen. Het instrument ademde deze lucht in en zijn twee stemmen roken ernaar.
Hij speelde de gavotte in vierkwartsmaat.
Gavotte, dat van gavot komt, dat bergbewoner betekent, dat krop betekent, dat keel betekent, dat schreeuw betekent.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen